Gezinnen die in een kwetsbare positie leven, dreigen door COVID-19 zwaarder getroffen te worden. Verschillende problemen die samenhangen met hun situatie zoals armoede, eenzaamheid, isolement, een klein sociaal netwerk, beperkte financiële buffers, zwakke positie op de arbeidsmarkt, taalachterstand, onderwijsachterstand, energiearmoede, ... worden versterkt door terechte overheidsmaatregelen of door de toepassing hiervan door de samenleving.

Hierdoor hebben heel wat maatschappelijk kwetsbare mensen mogelijks hun sociale rechten niet opgenomen. Bovendien geven experten aan dat ten gevolge van COVID-19 een hele groep ‘nieuwe mensen’ in kwetsbare situaties dreigen te komen (bv. mensen die het financieel moeilijk hebben door verlies van hun job, ondernemers en landbouwers in moeilijkheden, burgers met langdurige aandoeningen die in preventieve quarantaine zijn geplaatste, enz.). 

Ook de SERV vraagt in haar adviesrapport ‘Sociale en solide maatschappelijke herstart’ aandacht te hebben voor wie eerder al moeilijkheden had en voor wie het nu door de crisis moeilijk(er) krijgt, alsook voor kwetsbare groepen voor wie de crisis geen directe inkomensgevolgen heeft, maar die wel geconfronteerd worden met bijkomende kosten. Door de sluiting van de sociale restaurants en dienstencentra, de impact op voedselbedeling of de bijkomende kosten voor energie (bv. met een budgetmeter) of thuiswerk/onderwijs kunnen de meest kwetsbare gezinnen in een meer precaire situatie terecht komen dan voorheen.

Een outreachende aanpak zal in deze tijden belangrijker worden, naarmate de problemen zich gaan opstapelen in gezinnen die eerder nog niet in aanraking kwamen met de hulporganisaties en/of naarmate gezinnen die al binnen de hulpverlening gekend zijn nog dieper in problemen geraken. Vanuit de vaststelling dat er nu groepen nood aan steun hebben die niet eerder met hulp- en dienstverlening in aanraking kwamen is het zinvol om de bekendheid van bestaande organisaties te vergroten via een duidelijke en gerichte communicatie. Het is belangrijk ervoor te zorgen dat de nieuwe hulpvragen de bestaande hulpvragen niet verdringen.

De Vlaamse minister van Welzijn, Volksgezondheid, Gezin en Armoedebestrijding, Wouter Beke, wil in dit kader projecten te ondersteunen die mensen in armoede proactief en outreachend opzoeken, terug contact uitbouwen en onderhouden, hun netwerken terug versterken, hen connecteren met de samenleving en ervoor zorgen dat ze - wanneer nodig – psychosociale bijstand krijgen.

129 organisaties dienden een projectaanvraag in. De projectperiode start op 1 december 2020 en eindigt uiterlijk op 30 november 2021.